Het aquarium van achteren bekeken

Bron: Verenigingsblad AV de Minor, Maastricht
Door: Karei Fondu
Bewerking: R. Hoofs

In de rubriek "Praxis" van het Datz-nummer van september 1998 viel mijn oog op een artikel van Claus Schaefer, omdat het handelt over achterwanden en omdat een achterwand nu eenmaal uit een modem aquarium niet meer weg te denken is. In zijn artikel behandelt C. Schaefer de achterwanden die men in de handel kan kopen.

Claus ziet het als volgt:
"Of men nu een achterwand van een aquarium bekijkt als een optisch sluitstuk of men het nu beschouwt als een inrichtingsonderdeel geïntegreerd in het onderwaterlandschap, voor beide mogelijkheden biedt de handel de nodige producten aan. Bij de keuze speelt de persoonlijke smaak en ook natuurlijk de portemonnee een grote rol. Laat ons daarom eens nagaan wat er zo al te koop wordt aangeboden." Waarom moet de achterruit er bewust anders uitzien dan de meestal effen verticale andere ruiten?

Het spreekt vanzelf dat het deprimerend werkt als men door de achterruit een kleurrijk bloemetjesbehang waarneemt. Wat de depressie nog vergroot is het feit dat het aquarium ook aan optische diepte inboet. Of vissen een achter sluitstuk in hun toch al kunstmatig biotoop nodig hebben, hangt af van soort tot soort. Als de bak dicht beplant is en als er overvloedig schuilplaatsen voorhanden zijn, dan voelen de vissen zich op hun gemak. Is het aquarium daarentegen Spartaans ingericht, met op de koop toe nog een bleke bodembedekking zullen de diertjes bleekjes en nerveus door het aquarium evolueren.

Aangezien wij geen Spartanen zijn en wij geen kale aquaria tolereren vervult de achterwand in de eerste plaats een esthetische functie. Pas wanneer de achterwand daadwerkelijk in het aquarium is aangebracht en er ook een functie vervult als beplantingsmedium, schuilplaats of kweekplaats, speelt hij ook een effectieve rol voor de bewoners.

Onbevooroordeelde en spaarzame tijdgenoten kopen hun achterwand aan de rol. Iedereen kent die kleurrijke folie die je gewoon achter je bak kleeft en die je in verschillende motieven kan vinden. Ik vind ze gewoon afschuwelijk. Zelfs een niet aquariaan heeft zeker bij een tweede oogopslag onderkend dat tussen de weelderige plantengroei op de folie en de enkele schriele stengels in het aquarium een al dan niet bealgde ruit opdoemt. Al bij al blijft die folieachterwand een lompe vervalsing die zeer onnatuurlijk overkomt.

Eenvoudiger en nog goedkoper is het gebruiken van zwart foto-karton dat achter de achterruit wordt gekleefd. Het zwarte karton krijgt de voorkeur, omdat het neutraal is en niet als kleur wordt waargenomen en een grotere diepte suggereert. Oceaanblauw, zeegroen of leembruin werken meer opdringerig en moeten door hun keuze een rol vervullen, om niet als vreemdsoortig ervaren te worden. Zo is blauw ideaal als achterwand voor een zeeaquarium, daar het de indruk wekt van een grote watermassa achter je huiseigen rifje. Als afsluitstuk van een klein zalmbakje zou het daarentegen volledig onnatuurlijk overkomen.

De uit polyurethaan vervaardigde donkerbruine platen met een schorsachtig uiterlijk gaan al ettelijke jaren mee en zijn inzake prijs een goede keuze. Wel weet niemand te vertellen wat ze in feite voorstellen, want met de beste wil van de wereld kan je je niet inbeelden dat je ergens in een beekje in de tropen een dergelijke kanjer van een boom zou tegenkomen. Wanneer echter het grootste gedeelte ervan door planten, wortels en stenen wordt weggewerkt, is de achterwand niet storend en in ieder geval mooier dan de eerder vernoemde folie. Bovendien kan men ze volledig integreren in het geheel en wanneer men er Java varen, Java mos of Anubias op vastprikt kan men zo een werkelijk decoratieve aanblik creëren. De platen laten zich bovendien gemakkelijk met een scherp mes of met een fijn zaagje op maat snijden en men kan ze met enkele druppels siliconenlijm op de achterruit vastkleven.

Gebruik inderdaad slechts enkele druppels silicone in elke hoek, want anders wordt het een duivelse karwei als je ooit de achterwand wil weghalen. Algeneters, vooral pantsermeervallen, raspen de algen van deze achterwanden en, afgezien van het feit dat dit raspen een geluid teweeg brengt alsof er ergens een nest ratten in één van je kasten zit, worden de platen, die dikwijls niet dik en weinig geprofileerd zijn, na een tijdje vlak en structuurloos. De vissen ondervinden van deze kunststof geen hinder en dat ze zouden ziektes teweeg brengen kon nooit worden vastgesteld.

Toen enkele jaren geleden de "natuurgetrouwe" achterwanden op de markt kwamen was iedereen enthousiast tot men het prijskaartje in de mot kreeg. Voor het type "Amazone" betaalde je allicht 600 euro. Men kon zelfs niet beweren dat er hier woeker in het spel was, want het productieprocédé was zeer duur. Eerst moest het uitgekozen model overdekt worden met een reeds dure latex-oplossing.

Vervolgens moest de zo verkregen vorm op de rugzijde worden gestabiliseerd door er een verhardende schuimlaag op aan te brengen en uiteindelijk moesten kunstharsen, die ook al niet goedkoop zijn, de gehele structuur uitharden. De grootste kosten lagen echter bij het inkleuren dat manueel met een zeer fijn verfpistool gebeurde.

Ondertussen heeft de vrije markteconomie ook hier haar werk gedaan en zijn de prijzen merkbaar gedaald. Het zeer merkwaardige aan deze structuren is de zeer grote gelijkenis met de natuurlijke voorbeelden. Dat het even goed een ondergelopen steengroeve in een Scandinavisch loofwoud zou kunnen voorstellen, daar stond niemand bij stil. In ieder geval ziet het er "echt" uit en vele aquarianen tasten gewillig naar hun creditkaart.

Aan deze constructies zitten er uiteraard ook negatieve kantjes. Wegens het benadrukken van de derde dimensie van het materiaal gaat er ruimte verloren in het aquarium, wat zich manifesteert in holtes achter de achterwand. Wie deze achterwand niet volledig rondom gelijmd met silicone zal vroeg of laat vergeefse pogingen ondernemen om net zijn duurste vissen, die er achter gesukkeld zijn, weer naar de voorgrond te loodsen. Desondanks waren vele liefhebbers gelukkig met dit fabricaat al beweren sommige bozen tongen dat hoe beter de imitatie wordt, hoe groter de kitsch is. Voor hen, die zelf de handen niet uit de mouwen willen of kunnen steken bieden de achterwanden in polyurethaanschuim volgens mij de beste, mooiste en tevens meest economische oplossing.