Killi's houden op Aruba

Door: Wim Suijker
Bron: Maandblad van Natuurvrienden, Zwolle

Vorig jaar zijn wij, mijn vrouw Yvonne en ik, bij onze vrienden Frans en Marjan Vermeulen op Aruba op bezoek geweest. Frans en ik delen dezelfde passie, het houden en kweken met soorten van het (voormalige) geslacht Rivulus en Zuid-Amerikaanse bodemleggers.

Moeten wij hier in Nederland gedurende de winter onze aquaria of de ruimte waar wij onze killi’s houden verwarmen, Frans moet zijn killikamer het gehele jaar koelen met een airco om de temperatuur op peil te houden. Zelfs buiten kan hij maar een beperkt aantal soorten houden. Dit zijn dan Zuid-Amerikaanse bodemleggers die in poelen op de savanne leven.

Op Aruba heerst namelijk een soort steppeklimaat. Het is er het hele jaar door heet en droog. Door de passaatwinden is het er gelukkig uit te houden. Echter om er voorgoed te wonen is het er voor mij te heet. Alleen in de maanden oktober tot en met december kan het er regenen. Omdat het er zo weinig regent, moet het drinkwater op Aruba uit zeewater worden gedistilleerd, waardoor het uitermate zacht (tussen de 5 en 15 ppm) is. Dit levert een zeer instabiele pH op en daarom moet Frans de hardheid verhogen door zijn water over koraalsediment te filteren.

Een ander probleem waar hij mee te maken heeft is het voer voor zijn vissen. Eventjes voer gaan scheppen, zoals wij hier in Nederland in een of ander watertje doen, is er niet bij. Het is er gewoonweg niet. Levend voer kopen in een aquarium- of dierenspeciaalzaak is er ook al niet bij. Er zijn wel twee van dat soort zaken, die zelfs tropische vissen verkopen, maar zij verkopen geen levend voer. Frans moet dus al zijn voer zelf kweken. Hij voert voornamelijk artemia, larven van Culex spec. (een steekmug) en grindalwormen. Deze laatste houdt hij in een koelkast waarvan hij de thermostaat heeft aangepast.

Het kweken van artemia gaat als volgt. Eens per week, of per 10 dagen, gaat hij met een aantal jerrycans naar de zee, op slechts een kwartiertje van zijn huis. Daar vult hij ze met zeewater dat hij gebruikt voor zijn artemia kweek.

Zwarte muggenlarven kweekt hij ook zelf. De meesten van ons zouden er van hun vrouwen geen toestemming voor krijgen. Hiervoor gebruikt hij twee oude douchebakken met water uit zijn septic tank. Hier voegt hij wat gist en witte bloem aan toe en binnen een paar dagen krioelt het van de zwarte muggenlarven.

Grindalwormen kweekt hij op de volgende manier: in een kistje van piepschuim, gevuld met een mengsel van potgrond, turfstrooisel en zand. Voor 1/3 afgedekt met een glazen plaatje. Hieronder legt hij een stukje wit brood of havermout vlokken. Na 2 tot 3 dagen moeten de wormpjes het voedsel hebben opgegeten. Als “droogvoer” gebruikt hij eens per week gemalen runderhart. Dit soort voer mag niet teveel gegeven worden, daar het gauw tot vervetting leidt.

Een ander probleem is dat hij moet zorgen dat hij nergens schoon drinkwater laat staan. Dat is wettelijk verboden. Dit in verband met Aedes aegypti, de tijgermug. Dit is een muggensoort die de knokkelkoortsziekte ofwel dengue koorts verspreidt.

Er zijn natuurlijk niet alleen nadelen van het leven op Aruba. Als je rustig op de veranda zit, het beste tijdstip is vroeg in de morgen, zie je verschillende hagedissen langs komen, zoals de groene leguaan Iguana delicatissima, (betekent de smakelijke), het Blauw Blauwtje en de Toteki (Anolis lineatus) met zijn geel oranje keelzak.